Print:

AFM: behandeling betalingsachterstanden kan nog beter

 Een interview met Paul Schuiling – AFM (Autoriteit Financiële Markten)
Paul Schuiling: De intentie van hypotheekverstrekkers is heel goed, maar het tempo waarmee de problemen aangepakt worden kan een stuk sneller.
Het is geen geheim dat de AFM zich al lange tijd zorgen maakt over de oplopende achterstanden van de hypotheekbetalingen. “We hebben in 2012 dit onderwerp aangepakt, aan marktpartijen individuele aanbevelingen gedaan en in een rapport meer generiek aangegeven hoe het bijzonder beheer geoptimaliseerd kan worden.” Daarna heeft de toezichthouder de ontwikkelingen vanaf de zijlijn gemonitord, vertelt Paul Schuiling, senior toezichthouder op financiële ondernemingen bij de AFM. “Begin dit jaar hebben wij een interne verkenning uitgevoerd om na te gaan of er voldoende vooruitgang is geboekt. En we hebben de conclusie moeten trekken dat de sector er nog niet is.”
Daarom zal Schuiling tijdens het IIR-congres Actief, Preventief & Bijzonder Beheer 2014 op 10 en 11 september aangeven waarom en op welke wijze de AFM opnieuw een onderzoek begint.
Veel marktpartijen geven hun klanten met betalingsproblemen toch individuele aandacht?
“Ik zal zeker niet ontkennen dat er sprake is van verbeteringen, maar het tempo waarmee de aanpak van betalingsachterstanden verandert, verloopt toch minder vlot dan we graag willen zien. We beseffen dat op dit punt veel wordt gevraagd van marktpartijen. Het aantal mensen met financiële problemen is de afgelopen jaren flink gegroeid en dat betekent dus dat er op de afdelingen bijzonder beheer een toenemend beroep wordt gedaan. We zien dat daar hard wordt gewerkt en dat de intentie over het algemeen goed is. Maar zoals gezegd eist de maatschappij dat vanuit het belang van de consumenten er toch nog een tandje moet worden bijgezet. De meeste marktpartijen zijn zich daar ook van bewust”, heeft Schuiling ervaren. “We krijgen dikwijls als reactie dat men nog bezig is met het zoeken naar de beste formule om klanten met betalingsachterstanden te helpen. Dat betekent dat men beseft er nog niet helemaal te zijn. Kijk, we zien dat over het algemeen weinig mankeert aan de procesgang. Maar waar het om gaat is hoe de klant de invulling daarvan in de praktijk ervaart. Welke brieven krijgt hij en welke mogelijkheden worden hem geboden om op een goede manier uit de impasse te komen?”
De AFM gaat binnenkort opnieuw bij de grotere partijen een onderzoek instellen. Komen de resultaten naar buiten? “Het is nu nog niet bekend of we in generieke zin de uitkomsten zullen publiceren. In elk geval zullen we wel per individuele partij een terugkoppeling verzorgen, waarbij we zowel de positieve als de negatieve bevindingen belichten.”
Wordt het niet lastiger om een goed idee te krijgen hoe daadwerkelijk in de praktijk met de problemen van de individuele klant wordt omgegaan, nu veel geldverstrekkers het bijzonder beheer hebben uitbesteed? “Uiteraard blijft de geldverstrekker eindverantwoordelijk”, antwoordt Schuiling, “maar los daarvan gebeurt de uitbesteding op grond van het schriftelijk vastleggen van afspraken die zeer gedetailleerd kunnen worden geformuleerd .”
Hoe groot het belang is dat niet alleen de AFM maar ook de regering hecht aan een optimale benadering van het betalingsachterstandsprobleem blijkt wel uit het feit dat hiervoor een uitzondering wordt gemaakt op het provisieverbod. Is het echter niet ook een soort gelegenheidsregelgeving om hier af te wijken van het basisprincipe dat er geen geldstroom meer mag zijn van de aanbieder naar de adviseur/bemiddelaar?

“Elke uitzondering op een bestaande regel kan leiden tot deze gedachte”, reageert Schuiling. “De vraag is of de bestaande regels tot knelpunten leiden. Signalen vanuit de sector gaven dit wel aan en dan moet je daar iets aan doen. Het staat vast dat een consument met betalingsproblemen niet gebaat is met een adviesfactuur die zijn financiële positie nog verder schaadt. We hebben als toezichthouder, overheid en sector goed naar elkaar geluisterd, ook tijdens de consultatieperiode waarin gereageerd kon worden op de mogelijkheid dat adviseurs een vergoeding kunnen ontvangen van de aanbieder voor het bijstaan van consumenten met acute (voorzienbare) betalingsproblemen. Gebleken is dat er weinig reële alternatieven zijn aangedragen die het belang van de klant dienen. En uit diens perspectief moeten we het probleem aanpakken.”
De precieze invulling roept nog wel vragen op. “Daarom is de AFM zeer recent met verduidelijking gekomen. We gaan daarin niet de open normen tot achter de komma invullen en we geven geen verduidelijking over een redelijk uurtarief of een gemiddelde tijdsbesteding. Wel willen we aangeven welke situaties onder deze regel vallen en wat bijvoorbeeld verstaan kan worden onder het begrip ‘voorzienbare achterstanden’. We zullen de open norm zoveel mogelijk open houden.”

Wij gebruiken cookies om IIR.nl gemakkelijk te maken. Bezoekt u onze website, dan gaat u akkoord met deze cookies meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten